![]() |
Huub van Rijn (44) werd in 2002 getroffen door de diagnose teelbalkanker en gaat, op geheel eigen wijze, deze column invullen met het publiceren van zijn boek ‘De kans van mijn leven’ over zijn ervaringen tijdens en na zijn ziekte. Dat het iedereen een lach, een traan en vooral veel leesplezier zal geven…………. |
Ik was ziek, ik had kanker en ging misschien wel dood. Ik ben gezond, heb niets en blijf leven.
Wie zegt dat het leven nooit totaal anders kan worden……en ik heb nog veel meer. Ik heb heerlijk werk (mijn oude bedrijf
bloeit als nooit tevoren), woon nog in mijn fijne woning en…….heb een fantastische vrouw. Sorry dames, jullie zijn te laat.
Ik ben de mooiste, liefste en beste vrouw ter wereld tegen gekomen en wie zou dan niet met haar trouwen. Ook ik kon die
verleiding dus niet weerstaan en ben weer heel gelukkig getrouwd. Wat is liefde toch mooi……
Wil je als ex-kankerpatiënt tegenwoordig een beetje meetellen moet je toch wel aan een paar zaken voldoen:
1. Schrijf een boek
2. Zet je in voor toekomstige collega’s
Aan eis één heb ik bij deze voldaan. Nu er nog even beroemd mee worden en veel geld verdienen……
Eis twee werd mij in mijn schoot geworpen en greep ik met beide handen aan. Parkhuys! Wat voor huys??? Het Parkhuys, een
inloophuis voor kankerpatiënten en hun familie leden.
Leonie had een droom. Jawel, mijn geitenwollensokken therapeut wilde het groot gaan aanpakken. Jaren voordat ik haar traptreden
opkroop van haar Almeerse doorzonwoning ontstonden er plannen in haar hoofd om een plek in Almere te laten verrijzen waar
‘wij’ fijn samen konden komen. Als ‘ervaringsdeskundige’ heb ik sinds 2003 zitting binnen het stichtingsbestuur en is het
wonder uiteindelijk geschiedt: Parkhuys Almere is een feit!
Dit boek is een vertelling over de belevenissen van een hele normale Nederlandse burger die ten gevolge van een ziekte is
overgeleverd aan de medische wereld. Ik weet het, ‘overgegeven’ klinkt niet erg vriendelijk maar toch is dat de realiteit.
Hoe dit komt? Door een samenhang van faktoren die wij allemaal kennen. Artsen hebben of nemen te weinig tijd voor je.
Verpleegkundigen weten niet wat ze doen. Afspraken worden niet nagekomen, medicijnen kloppen niet, informatie wordt niet
gegeven. Echt ziek zijn is een lijdensweg, beter worden soms nog erger.
Patiënten zijn mensen die op hun kwetsbaarst zijn. Het zijn geen ‘gevallen’, geen ‘nummers’, het zijn individuele mensen
die maximaal begeleid moeten in hun strijd. Een onvriendelijke of onpersoonlijke arts heeft niets met tijd- of geldgebrek te maken.
Al heeft hij of zij al honderd keer vakbekwaam in een lichaam gesneden, dit soort gedrag maakt hem of haar ongeschikt
voor het werk. De afstand tussen het medische circuit en de patiënt is groot. Dit wil niet zeggen dat ik geen goede
mensen ben tegen gekomen. Mijn oncoloog was fantastisch en ook bij de verpleging liepen er sterren rond maar zelfs bij
deze mensen is het diepe infiltreren in hun afgeschermde wereld merkbaar. Het belangrijkste van deze mensen was dat ze
open stonden voor mij, voor mijn gedachten en beslissingen waar ik toch ook wel voor moest vechten. Dat maakte mij
misschien iets minder dan een hele normale Nederlandse burger. Dat heb ik ook ervaren als mijn geluk. Dat geluk zit niet
in iedereen en daarvoor moeten er plaatsen zijn als ons Parkhuys. Parkhuys kan de balans bieden die iemand net iets sterker
kan maken om de juiste weg te vinden in de medische wereld. Er zijn meer huizen in Nederland met een functie als Parkhuys.
Het is geen vervanging voor wat dan ook. Het Flevoziekenhuis en Parkhuys zijn als Jip en Janneke, ze kunnen best zonder
elkaar maar samen zijn ze zoveel leuker……
Ik stop ermee. 13 hoofdstukken!!! Meer dan zat. Geen idee wat er met dit verhaal gaat gebeuren.
Misschien wordt het wel een boekje. Zou mooi zijn. Opbrengst voor Parkhuys. Wat een ideaal!!
Vooralsnog, bedankt voor het lezen.
Wie weet, tot ziens.
Gegroet
Ikke.
Het verhaal tot nu toe vindt U hier.